Anja Meulenbelt: Met Hamas moet gepraat worden
Reageer (0)
17 november 2009
Met Hamas moet gepraat worden
Harrie Verbon, op 16 november hier op Joop, vindt het maar raar dat er zoveel mensen van ‘links Nederland’, waaronder ik, de advertentie hebben ondertekend dat er met Hamas gepraat moet worden.
Nu lijkt mij dat nogal voor de hand liggen, en het heeft er weinig mee te maken of we vrienden zijn van Hamas. De meeste ondertekenaars zullen dat niet hebben gedaan zonder heel goed te weten dat ook Hamas dringend de mensenrechten zal moeten gaan respecteren. Maar iedereen die uiteindelijk wil dat er een rechtvaardige oplossing komt weet ook dat je geen vrede kunt sluiten wanneer de vertegenwoordiging van een groot deel van de Palestijnse bevolking bij voorbaat is uitgesloten van een mogelijke overeenkomst.
Verder
is de advertentie impliciet een pleidooi om op te houden om met twee
maten te meten. Wanneer we Hamas kwalijk willen nemen dat zij zich te
weinig houden aan mensenrechten, dan geldt dat dubbel en dwars ook voor
Israël, dat inmiddels een indrukwekkende lijst op haar naam heeft staan
van structurele schendingen mensenrechten, en van het internationale
recht.
Ook de Nederlandse regering vindt dat Hamas eerst
aan een aantal eisen moet voldoen voor er met hen gepraat mag worden.
Ik noem ze nog een keer: van Hamas wordt geëist dat ze Israël erkennen,
dat ze ophouden met ‘geweld’ en dat ze zich houden aan de voorafgaande
overeenkomsten. Het punt is dat diezelfde drie eisen ook wel eens aan
Israël gesteld kunnen worden. Israël is niet van plan is om Hamas als
legitieme vertegenwoordiging van hun bevolking te erkennen. Israël is
geen moment gestopt met een scala aan geweld, inclusief invasies en
bombardementen van Gaza, liquidaties, en kort geleden een zware aanval
op Gaza waarbij de wisselkoers van burgerdoden steeg naar honderd
Palestijnen op één Israeli. En wie zoals ik Gaza zelf heeft bezocht na
de oorlog hoeft het Goldstone rapport niet te lezen om te weten dat er
moedwillig dodelijke aanvallen zijn gedaan op burgers. Ook is Israël na
de Road Map gewoon doorgegaan met het verder uitbreiden van de
nederzettingen in een geslaagde poging om een concrete, rechtvaardige
vrede op basis van een staat op driekwart van het land voor Israël en
een kwart van het land voor de Palestijnen onmogelijk te maken.
Het probleem, als het gaat om werkelijke ondersteuning van reële onderhandelingen, is dat ook in Nederland veelal uit gegaan wordt van twee vooronderstellingen: dat het belangrijk is dat Israël zichzelf mag verdedigen, maar dat dat kennelijk niet geldt voor de Palestijnen. En dat de Palestijnen, als ze zich verzetten, ‘terroristen’ zijn, maar dat dat nooit geldt voor Israël.
Meneer Verbon bedient zich van twee argumenten, die
alle twee geen hout snijden. Helaas begeeft ook hij zich op een terrein
waar hij volstrekt geen kaas van heeft gegeten, en dat is de positie
van vrouwen in Gaza. Ik werk daar al vijftien jaar, en ik kan, als
feministe, uit de eerste hand verklaren dat de zaken die Verbon noemt
een zwaar geval zijn van de klok horen luiden en niet weten waar de
klepel hangt. Zeker zijn ook Gazaanse vrouwen nog middenin een
emancipatieproces, zoals in heel veel landen ter wereld. Maar dit klopt
alvast niet, als Verbon zijn best doet om het vijandbeeld Hamas nog wat
op te tuigen: vrouwen worden niet alleen ‘gedoogd’ op de werkvloer en
scholen, maar Hamas heeft, getuige Palestijnse feministes, meer gedaan
voor de activering van vrouwen dan Fatah. Hamas had meer vrouwen op
verkiesbare plaatsen dan Fatah ooit gehad heeft. En ook de Islamitische
universiteit staat open voor vrouwen, de dochters van mijn vriendin
daar zitten er op. Het is wel waar dat Hamas, tegen de afspraken in,
vrouwen onder druk probeert te zetten om zich meer ‘islamitisch’ te
kleden. Maar duidelijk is ook dat Palestijnse vrouwen al te
vrijgevochten zijn om alles maar protestloos met zich te laten doen.
Ik heb in de vijftien jaar dat ik er werk nog nooit
een vrouw op een motor gezien - wel als bestuurster van auto’s
overigens - en dat dat nu verboden zou zijn lijkt mij een broodje aap.
Ook is het onzin om het specifiek Hamas te verwijten dat vrouwen daar
gemiddeld zes kinderen krijgen. Er waren in betere tijden programma’s
om toe te werken naar geboorteregeling, die zijn niet zozeer door Hamas
de nek om gedraaid als wel door de omstandigheden. Net als overal ter
wereld zijn geboortecijfers hoog wanneer er veel armoede is en mensen
bang zijn door oorlog kinderen te verliezen. Vrouwen die veel kinderen
willen, als nationalistisch antwoord op de Israëlische dreiging, zijn
er net zo goed als mannen. Ik ken een vrouw die wilde scheiden omdat
zij meer kinderen wilde en hij niet. Er valt over de emancipatie in
Gaza, en de rol daarbij van Hamas, nog veel meer te zeggen, maar
duidelijk is dat de heer Verbon daar geen verstand van heeft en vooral
napraat wat hem is ingefluisterd. Waar vrouwen in Gaza werkelijk onder
lijden is de blokkade, die maakt dat ze hun kinderen nauwelijks meer
fatsoenlijk te eten kunnen geven, en de recente aanval, zogenaamd tegen
Hamas maar in werkelijkheid tegen de burgerbevolking, die ook onder
vrouwen en kinderen een bloedbad heeft aangericht. Ik weet zeker dat er
in heel Gaza geen vrouw te vinden is die er blij mee is dat Verbon hen
gebruikt om Hamas mee om de oren te slaan en de boycot, waar zij ook
zwaar onder lijden, mee te rechtvaardigen.
Wie echt denkt dat Hamas bezig is om een
islamitische staat in Gaza te stichten houdt met twee zaken geen
rekening: dat er ook binnen Hamas verschillende stromingen bestaan,
onder andere ook van Hamasleden die een seculiere staat voorstaan, en
dat de bevolking van Gaza in het overgrote deel niets voelt voor een
islamitische staat, maar altijd al gewend is aan een grote mate van
vrijheid.
Veel ernstiger is de manier waarop Hamas afgerekend heeft met politieke tegenstanders. Ik neem aan dat ik in Nederland de eerste was die op mijn weblog melding maakte van jonge mannen die door Hamas moedwillig waren verminkt. Ik vind het dus ook heel belangrijk dat Hamas in het Goldstone rapport niet is ontzien. Het punt is wel dat Hamas niet erg onder de indruk zal zijn van enige druk van buitenaf om de mensenrechten te respecteren, zolang er geen enkele sprake van is dat het democratische westen daar Israël niet eveneens ernstig op aanspreekt, en daar is nog weinig van te merken.
De wijze waarop Verbon denkt de
ontstaansgeschiedenis van de joodse staat Israël even te kunnen
samenvatten is meer dan schandelijk. Dit zijn, heel in het kort, een
aantal feiten die door gedegen historisch onderzoek worden gestaafd:
Het eerste Arabische verzet, nog voor 1948, gold
niet ‘joden’, maar ‘zionisten’. Joden woonden er al langer, zonder
conflicten, en zij waren overigens de eersten die zich verzetten tegen
de zionistische nieuwkomers. Zie het boek van Yakov Rabkin. En het
verzet tegen de komst van de zionistische kolonisten had een hele goede
reden: de Palestijnen begrepen al spoedig dat de zionisten bezig waren
om een eigen joodse staat te vestigen die ten koste zou gaan van de er
wonende bevolking. En daar hebben ze meer dan gelijk in gekregen. Nog
voor 1948 begon de etnische zuivering, zie Benny Morris en Ilan Pappé,
honderdduizenden Palestijnen werden van huis en land beroofd. Wie
ondanks dat durft te beweren dat de Palestijnen ‘garen sponnen’ bij
joodse cq zionistische immigratie is zonder meer te kwader trouw.
En vervolgens volgde in 1967 de bezetting van het
laatste kwart van het traditionele Palestina, waarna regering op
Israëlische regering aan het werk ging om met nederzettingen, muur,
wegennet en wat er nog meer plaats vond aan de ‘matrix of control’
(Jeff Halper) een werkelijk compromis onmogelijk te maken. Maar al te
makkelijk wordt vergeten dat de nu zeer verguisde Arafat een geweldige
historische concessie deed toen hij namens zijn volk bereid was om 78%
van het land op te geven - op voorwaarde dat er dan wel een Palestijnse
staat zou komen op de overige 22%. Israël heeft zonder dankjewel te
zeggen die concessie in de zak gestoken zonder er ook maar iets voor
terug te doen.
Wie dat niet wenst te beseffen begrijpt ook niet waar het Palestijnse verzet vandaan komt, en sluit graag gemakzuchtig aan bij het vijandbeeld ‘extreme islamisten’, alsof Hamas niet in de allereerste plaats een verzetsbeweging is, naast politieke partij, die gekozen is door een aanzienlijk deel van de Palestijnse bevolking zelf.
Kortom, meneer Verbon, uw krakkemikkige verhaal
geeft geen antwoord op de vraag waarom er inmiddels zoveel Nederlanders
blijken te zijn die af willen van de kortzichtige boycot van Hamas, en
graag zouden willen dat Nederland op hield met twee maten te meten, en
een werkelijke bijdrage zou leveren aan een rechtvaardige vrede tussen
Israël en de Palestijnen. Daar hoef je niet speciaal een aanhanger van
Hamas voor te zijn: zoals Israëli Uri Avnery zegt: vrede sluit je met
je vijanden, niet met je vrienden.

