Geweigerd door de NRC. Hernieuwd antisemitisme en oorzaken
Reageer (0)25-6-2010
In het debat over hernieuwd antisemitisme blijft één aspect onbesproken. Het ontbreekt ook in een gerelateerd onderwerp, de risicoanalyse van terrorisme. De AIVD en de Coördinator Terrorismebestrijding dienen het beleid van de zittende regering. Zij moeten evenwel wellicht politiek incorrecte onderwerpen aan de orde kunnen stellen. Beide instanties houden in hun rapportages over terroristische dreiging rekening met veel factoren, maar nooit met het Nederlandse Midden-Oostenbeleid als een van de oorzaken. Dat is bepaald een manco.
Het toenemend antisemitisme wordt in het publieke debat op veel manieren geïnterpreteerd. Ook hier ontbreekt het Nederlandse beleid als een van de verklarende factoren. [Zie bijvoorbeeld 'Te vroeg voor lokjood', NRC, 22 juni 2010] Nederlands/Marokkaanse jongeren zien het voortreffelijke, onafhankelijke Al Jazeera, Nederlands/Turkse jongens en meisjes de Turkse TV-stations. Zij leren dat de machtige pro-Israël lobby er voor zorgt dat de Verenigde Staten bij de Israëlische les blijven, zelfs tegen de eigen belangen in. Zij begrijpen dat de kern van de Israël nog voluit steunende landen verder bestaat uit het Italië van premier Berlusconi, het Nederland van de heren Balkenende, Rouvoet en Verhagen en Micronesië.
Zoals voor rooms katholieken en protestanten hun internationale geloofsgemeenschap belangrijk is, zo is de Ummah dat voor de moslims. Zij zijn woedend over het onrecht dat Israël, met steun van de VS en de EU-lidstaten, waaronder vooral Nederland, hun Palestijnse broeders en zusters al decennia lang aandoet. Sommigen slaan door en worden gevoelig voor moslimfundamentalisme of zelfs aangetrokken tot terrorisme. Elke regering, van welke signatuur dan ook, dient bij de bepaling van het Midden-Oostenbeleid mede rekening te houden met de gevoelens en opvattingen van zo'n 400.000 stemgerechtigde Nederlandse moslims. Het is niet redelijk om alleen naar Israël te wijzen. Zelfanalyse is een nuttig hulpmiddel om antisemitisme en terrorisme in toom te houden.
Het onderscheid tussen Israël en de Nederlandse joden is in principe juist. Wij mogen onze medeburgers niet over één kam scheren. Sommigen willen zich met uiterlijke kenmerken als jood manifesteren. Dat is hun goed recht. Velen identificeren zich met Israël en vervaagt het onderscheid tussen Israël en Nederlandse joden. Dat betekent niet dat zij om hun geloof of politieke overtuiging gediscrimineerd mogen worden. Artikel 1 van de Grondwet schrijft tenslotte gelijke behandeling voor en verbiedt elke vorm van discriminatie. Gold dat artikel maar voor het Nederlandse Midden-Oostenbeleid.
Jan Wijenberg
oud-ambassadeur
Den Haag
