Het roekeloze pad van Gretta Duisenberg. ‘Woede is mijn drijfveer’
Reageer (5)
Ze mag al jaren Israel niet meer in, officieel om veiligheidsredenen. Maar Gaza kan ze ook via Egypte bereiken. Onkruid op stap met Gretta Duisenberg: vrouw met een missie.
tekst Stef Verhoeven
foto’s Michiel de Ruiter
Op papier was het een strak plan. Vanaf Cairo een lange rit per auto naar de havenplaats El Arish waar het schip met hulpgoederen voor de bewoners van de Gazastrook in de haven zou klaarliggen. Dan twee uur in een lange colonne van ruim honderd vrachtwagens naar de grensplaats Rafah om persoonlijk medicamenten, ambulances en gehoortoestellen af te geven aan de Palestijnen.
Maar dit is Nederland niet. Hier in Egypte veranderen plannen per uur en verschuilen de autoriteiten zich achter een muur van papieren. Gretta Duisenberg kan er om lachen. Ze is wel wat gewend door haar vele reizen. Vijf dagen wachten in Cairo en honderden telefoontikken later gaat wéér haar mobiel af. “Oké Amin, morgen dus naar Port Said? Komt daar de boot? Weet je het zeker?”
We spreken haar in de lobby van het hotel. Op haar kamer staat een koffer met gehoortoestellen voor een dovenschool in Gaza. Die heeft ze ingezameld via het televisieprogramma van Paul de Leeuw. “Ik wil ze persoonlijk gaan brengen. Ik verheug me erop ‘mijn’ mensen in Gaza te ontmoeten. Via de grens met Egypte is mijn enige kans. Ik mag al vier jaar Israel niet in: ik ben een persona non grata voor de Israëlische regering.”
U heeft zich full time vastgebeten in de Palestijnse zaak. U reist de hele wereld over om lezingen te houden en acties te voeren, u werkt dag en nacht voor Stop de Bezetting. Waarom juist dit schier onoplosbare conflict?
“Omdat ik een vechter ben. Ik ben altijd bezig geweest met internationale conflicten: de apartheid in Zuid Afrika, de dictatuur van Chili, de revolutie van Nicaragua. Maar de situatie in Palestina is zo schrijnend! De hele westerse wereld – inclusief het ‘beschaafde’ Nederland- sluit de ogen voor het onrecht dat daar plaatsvindt. Dat is een verhaal dat keer op keer verteld moet worden. Ik ben, vrees ik, levenslang veroordeeld tot dit onderwerp.”
Het is bij u altijd alles of niks.
“Zeker als er onrechtvaardigheid in het spel is. Of het nu een man is die zijn hond slaat of een soldaat die een kind onder vuur houdt. Ik word witheet van woede en, toegegeven, dan word ik ook een beetje roekeloos. Zo ben ik eens uit de auto gestapt om een Israëlische soldaat die twee Palestijnse kinderen onder schot hield op zijn donder te geven. ‘Gretta, blijf nou zitten’, zeiden mijn reisgenoten maar dat kán ik dan niet. Pure rechteloosheid, daar kan ik gewoon niet tegen. Ik mag het niet zeggen maar jij mag het wél opschrijven: Israel heeft zich ontwikkeld tot een schurkenstaat die genocide pleegt op een volk dat zich nauwelijks kan verweren.”
En u neemt dan voor lief dat men u morgen weer een antisemiet noemt, dat u dreigbrieven en mails ontvangt met der grofste verwensingen en dat u publiekelijk veroordeeld wordt in een televisieprogramma?
“Dat moet dan maar. Blijkbaar kleeft dit aan mijn persoon. Mensen houden van mijn gedrevenheid of ze verafschuwen me. Laat ze maar, ik kan het hebben.”
Echt?
“Ach, natuurlijk raken die beschimpingen me, maar het zit nu eenmaal in mijn karakter dat ik moet zeggen wat gehoord moet worden. Pas als ik ooit voor het dilemma wordt gesteld: mijn kinderen of de Palestijnse zaak, tja, dan kies ik voor mijn kinderen. Daar ligt mijn grens.”
Gretta Duisenberg is de pensioenleeftijd voorbij (66) maar de levenslust brandt nog fel in haar ogen. Haar ranke handen bewegen op het stellige ritme van haar woorden. Om het bandje van haar horloge zit de trouwring van Wim Duisenberg, haar grote liefde die vier jaar geleden abrupt overleed. Ze trof hem drijvend in het zwembad van hun huis in Frankrijk. Een traumatisch beeld dat ze niet meer van haar netvlies krijgt.
“Wim is altijd bij me. Ook nu hier op mijn reis naar Gaza, maar vooral in ons huis in Frankrijk. Ik ga daar graag alleen heen, juist om met Wim te zijn. Dan praat ik met hem, hij steunt me in alles. Ze zeggen dat het gemis slijt maar ik merk er niks van. Ik kan zelfs zijn auto met zijn laatste sigaretten in de asbakjes, niet verkopen. Ik betaal nog elke maand huur voor de garage voor die auto.”
Wanneer mist u Wim het meest?
“Het is vreemd maar sinds zijn dood heb ik bijna geen piano meer gespeeld. Daar was ik dol op maar ik kan geen toets meer beroeren zonder ontzettend emotioneel te worden. En dan de nachten en het wakker worden daarna. Ik wil gewoon niet dat de dag eindigt en ik wil ook niet dat ie begint. Soms klim ik ’s nachts over het hek van Zorgvlied met een fles wijn en praat ik met hem, zoals we dat altijd deden om de dag af te sluiten. Zijn graf is echt een troostplek voor mij.”
Sinds Wim er niet meer is, werkt Gretta Duisenberg zonder rem voor Stop de Bezetting, dat een eind wil maken aan de bezetting van de Palestijnse gebieden. Er zijn dagen, zegt ze, dat ze in haar kamerjas achter de computer kruipt om even haar mails te checken. ’s Avonds pas merkt ze dan dat ze geen tijd heeft genomen zich aan te kleden. “Eigenlijk gek hè?” zegt ze beschaamd.
Je zou het tomeloze gedrevenheid kunnen noemen.
“Soms voel ik me heel moe, ik ben niet de jongste meer. Maar meestal geeft hard werken me energie. Ik hou ervan mensen te overtuigen, dan ben ik op mijn best. Lezingen doen vind ik ontzettend leuk. Of het nu bij de Lions Club is, bij de plattelandsvrouwen of op een groot congres over Palestina in Jakarta. Ik documenteer me altijd heel goed en probeer steeds weer op een andere manier mijn verhaal te vertellen. Mijn gedrevenheid komt voort uit woede en die woede zal blijven zolang de Palestijnen niet hun eigen land hebben.”
We verplaatsen ons met een groot internationaal gezelschap naar Port Said, een Egyptische havenstad waar het hulpkonvooi de haven mag aandoen. Maar er is nog geen schip te bekennen. Het ligt in Alexandrië en mag nog niet varen. De onrust bij Gretta stijgt. “Ik kan heel moeilijk wachten. Egypte is een mooi land maar ik moet naar de Gazastrook.” Ze besluit na een nacht in de havenstad los van het konvooi door te reizen naar de grens. “Ze moeten me doorlaten.”
Wim was een diplomaat, een tegenpool van u.
“Hij was een bankier, hij moest heel voorzichtig opereren en kon ontzettend goed zwijgen. Hoezeer ik die eigenschappen bewonder, dat zal nooit mijn rol kunnen zijn. Politiek laveren is helemaal niks voor mij. Ik ben een flapuit, een beuker. Ik ben er om mensen de ogen te openen. What you see is what you get.”

Maakt u het uw tegenstanders niet erg gemakkelijk?
“Nee, juist niet. Die bedreigingen zijn er op gericht me te laten stoppen met mijn missie. Maar dat doe ik niet. Ieder weldenkend mens kan zien dat het David tegen Goliath is, dat de Israëlische regering de Palestijnen onderdrukt en vernedert. Mijn opponenten zeggen dan: ‘Gretta is een antisemiet’, maar dat is een wel erg gemakkelijke beschuldiging. Het leed dat de Joden is aangedaan in de kampen, is verschrikkelijk. Zoiets mag echt nooit meer gebeuren. Wat ik niet begrijp dat je juist in het besef van zo’n geschiedenis, anderen behandelt zoals je zelf ooit behandeld bent. Palestijnen worden onder dreiging van de modernste wapens gedegradeerd tot tweederangs burgers, met pasjes, achter gesloten grenzen en een verschrikkelijke muur. Ik ben niet anti-Joods, ik ben wel tegen deze Israëlische regering.”
Parmantige blik. Ze heeft respect voor de Palestijnen die tegen de verdrukking hun trots behouden. Ze herkent er zichzelf wel in. Tot haar dertigste jaar leefde ze een tamelijk rimpelloos leven. Ze trouwde met de wat afstandelijke internist Frits Bedier de Prairie, kreeg drie kinderen en ging als “keurig doktersvrouwtje” in zijn praktijk werken. Toen op haar 30ste bij haar de ziekte non-hodgkin werd vastgesteld, stond alles op zijn kop. De artsen, inclusief haar eigen man, gaven haar nog slechts een half jaar te leven. “Maar na twee jaar vechten kon ik het ziekenhuis kankervrij verlaten. Dit is mijn tweede kans, dacht ik, die moet ik grijpen. Ik ben gescheiden en met de kinderen in een ander huis gaan wonen. Ik vond een eigen baan als verpleegkundige. Ik was bevrijd, ik was trots. Het was het keerpunt in mijn leven.”
Aan de grens bij Rafah horen we de Israëlische straaljagers hun controlevluchten uitvoeren boven Gaza. Het is ziedend heet. De grens is potdicht na de bombardementen van januari waarbij 1400 doden en meer dan 5000 gewonden vielen onder de Gazanen. Een bus met in Cairo geopereerde Palestijnse mannen en vrouwen staat al zes uur te wachten om te worden doorgelaten. Een groep Europese chirurgen en verplegers wacht al weken om aan de slag te gaan in Gaza. Ze overwegen een hongerstaking. Gretta houdt moed. Ze belt ter plekke met ambassadeurs en andere invloedrijke heren in Egypte.
Stel: u zo wordt gebeld door Netanyahu, de nieuwe president van Israel. Wat gaat u hem zeggen?
“Ik, Gretta Duisenberg, kom naar Gaza om het Palestijnse volk te steunen. Om ze de hulp te bieden die ú eigenlijk zou moeten geven. Wie bombardeert moet zelf opruimen en opbouwen. Ik hoop straks te kunnen spreken met de democratisch gekozen premier van Gaza: Hamas-leider Ismael Haniyeh. De man met wie u niet wilt spreken omdat hij een terrorist zou zijn. Ik praat met iedereen, zelfs met u. Als u mij wilt spreken, kom ik langs.”
U bent niet bang?
“Nee, wel gespannen. Bij mijn laatste poging de Westbank te bezoeken werd ik uit de groep gepikt en ben ik vijf uur lang overgeleverd geweest aan een psychologische oorlogsvoering van de geheime dienst van Israel. Al mijn bagage werd tot op de laatste sok uitgepakt. Ik moest me helemaal ontkleden onder het oog van mijn ondervragers, die me daarna uren lieten staan. Het was vernederend en beledigend. Daarna ben ik op het vliegtuig terug naar Nederland gezet.”
Waar put u uw hoop uit?
“Uit de kracht van het internationaal recht. Iedereen weet dat Israel zich misdraagt maar niemand durft een vuist te maken. Mijn hoop is ook gevestigd op Barak Obama. Zijn inaugurele rede was voor mij echt een kippenvelmoment. Ik kwam net terug van een lezing in Syrië en heb vreselijk gehaast om zijn redevoering op tv niet te missen. Het leek wel of er een zucht van verlichting door de wereld ging.”
Een paar dagen na ons laatste gesprek belt ze op. Ze is in Gaza. Na vier dagen bellen, praten, boos worden en beleefd blijven heeft ze de bureaucratie en de onverschilligheid getrotseerd. “Het voelt als thuiskomen.”
[Kader]
Gretta Duisenberg wordt geboren als Gretta Nieuwenhuizen in een gereformeerd nest in Heerenveen. Ze groeit op in Heemstede. Samen met haar eerste man Frits Bedier de Prairie krijgt ze drie kinderen. Aanvankelijk werkt Gretta als verpleegkundige in de praktijk van haar man. Later, na hun scheiding, gaat ze werken in het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam. In 1987 trouwt ze met Wim Duisenberg, destijds president van de Nederlandsche Bank. Hij neemt drie kinderen mee uit een eerder huwelijk. Ze is voorzitter en kopstuk van Stop de Bezetting, dat een einde wil maken aan de bezetting van de Palestijnse gebieden door Israel. Ze reist de laatste jaren de hele wereld over om lezingen te houden over dit onderwerp.
Overzicht Reacties over dit Artikel
Plaats een Reactie| Reactie van ben ligtenberg | datum: 2011-02-28 16:22:50 | |
|
LEENDERT IK BEN psycholoog,EN IK BEAAM HET NIET,
als je wilt kun je op mijn spreek uur komen je hebt het nodig ben |
||
