Brief van drs. J.J.Wijenberg aan regering
Geachte bewindslieden,
De Nederlandse Grondwet schrijft in art. 90 voor: "De regering bevordert de ontwikkeling van de internationale rechtsorde." De eerste te stellen vraag is waarom vele voorgaande regeringen en de huidige dit artikel schonden en schenden waar het gaat om het vraagstuk van vrede in het Midden-Oosten. De tweede vraag is wanneer daaraan een einde komt.
(Volledige tekst:)
De Nederlandse Grondwet schrijft in art. 90 voor: "De regering bevordert de ontwikkeling van de internationale rechtsorde." De eerste te stellen vraag is waarom vele voorgaande regeringen en de huidige dit artikel schonden en schenden waar het gaat om het vraagstuk van vrede in het Midden-Oosten. De tweede vraag is wanneer daaraan een einde komt.
Van: drs J.J. Wijenberg
Dr B.R. Bot, Minister van Buitenlandse Zaken
Mevrouw A.M.A. van Ardenne - van der Hoeven, Minister voor Ontwikkelingssamenwerking
drs A. Nicolaï, Staatssecretaris van Europese Zaken, Ministerie van Buitenlandse Zaken
Onderwerp Grondwet, art. 90 en de Palestijnse Staat
cc. de fractievoorzitters in de Eerste en Tweede Kamer der Staten Generaal
Mr Dr J.P. Balkenende, Minister President
Mr J. P.H. Donner, Minister van Justitie
Mr H.D. Tjeenk Willink, Vice President van de Raad van State
's-Gravenhage, 21 februari 2006
Geachte bewindslieden,
De Nederlandse Grondwet schrijft in art. 90 voor: "De regering bevordert de ontwikkeling van de internationale rechtsorde." De eerste te stellen vraag is waarom vele voorgaande regeringen en de huidige dit artikel schonden en schenden waar het gaat om het vraagstuk van vrede in het Midden-Oosten. De tweede vraag is wanneer daaraan een einde komt.
Israël schendt reeds decennia lang in ernstige mate het Handvest van de Verenigde Naties. Dat land kan zich daarbij niet beroepen op zelfverdediging tegen Palestijnse agressie. Op grond van het internationale recht, zoals laatstelijk geïnterpreteerd in 1974, heeft het Palestijnse volk recht op zelfbeschikking, vrijheid en onafhankelijkheid, met inbegrip van het recht van dit volk om steun te zoeken en te krijgen in hun strijd voor onafhankelijkheid. Schendingen van de universele rechten van de mens en van het internationale humanitaire recht door Israël zijn aan de orde van de dag. Dat land heeft daarenboven niet minder dan 33 resoluties van de Veiligheidsraad naast zich neergelegd en - nog voordat de inhoud ervan bekend was - de 'Advisory Opinion' van het Internationale Gerechtshof (IGH) van 9 juli 2004 van de hand gewezen. (Het advies over de muur stelt immers vast wat geldend volkenrecht daarover inhoudt.) Israël heeft bijna 40 jaar lang geen gehoor gegeven aan de verplichting de bezette gebieden te ontruimen op grond van VR Resolutie 242 van 22 november 1967(!).
Op dit moment is het beleid van de Israëlische regering erop gericht om de zogenaamde veiligheidsmuur als de oostgrens van de Staat Israël internationaal erkend te krijgen. Dit druist zonder meer en rechtstreeks in tegen de bovenbedoelde 'Advisory Opinion' van het IGH.
De Verenigde Staten en de Europese Unie - Nederland incluis - hebben deze minachting van het internationale recht gestimuleerd of gedoogd. Nog kort geleden werd de regering door juristen bekritiseerd vanwege nalatigheid toen onder het Nederlandse EU-voorzitterschap de bouw van de illegale muur op Palestijns grondgebied begon. Europa schendt aldus het internationaal recht en Nederland daarbovenop art. 90 van de Grondwet. Nederland staat nu nadrukkelijk aan de verkeerde kant van de geschiedenis. Het is dus de hoogste tijd om hiermee te breken.
De regering heeft de grondwettelijke plicht om zich, met name ook in Europees verband, tot het uiterste te verzetten tegen de Israëlische ambitie om het eigen gebied uit te breiden in Palestijnse bezette gebieden. Nederland zal de Staat Israël slechts kunnen blijven erkennen binnen de grenzen die zijn vastgesteld in VR Resolutie 242.
De regering dient zich af te vragen of zij (en de Europese Unie) het internationaal recht (en de grondwet) wederom schendt met het plaatsen van Hamas op de Europese terreurlijst van organisaties en individuen met de daaruit voortvloeiende sancties. Dezelfde vraag moet gesteld worden ten aanzien van de voorgenomen strafmaatregelen tegen een Hamas-regering. De Palestijnen, dus ook Hamas, hebben immers het internationaal juridisch gegarandeerde recht op zelfverdediging, zelfbeschikking en op het zoeken en krijgen van steun in hun onafhankelijkheidsstrijd. Nu wordt de partij die het internationale recht minacht en grootschalig overtreedt, beloond. Tegelijk wordt de partij, die aanspraak mag maken op de bescherming van het internationale recht, gestraft. Het is werkelijk de wereld op zijn kop.
Ook dient in het kader van het internationaal recht de vraag gesteld worden of het staatsterreur bedrijvende Israël en (Israëlische organisaties van) kolonisten - ongestraft en beschermd door Israël in de bezette gebieden verblijvend en tot de tanden toe bewapend - juist vergaande sancties moeten worden opgelegd.
De VS en Europa getroosten zich veel moeite om in de Arabische wereld ons model van democratie ingang te doen vinden. Hamas is aan de macht gekomen via een vrijwel vlekkeloos verkiezingsproces (dat het gebrekkige gehalte van democratische gezindheid in Israël te schande maakt). Nu blijkt, dat de VS en Europa de democratische principes slechts hooghouden wanneer de uitslag daarvan politiek gewenst is. Wellicht kan ook overwogen worden, dat niet alleen bepaalde fanatici maar wereldwijd ook rationeel denkende mensen en regeringen hierin een ernstige mate van ongeloofwaardigheid zullen ontwaren, die zeer schadelijk is voor de democratie als superieur ordenend beginsel.
Paul J.I.M. de Waart, emeritus hoogleraar in het internationaal recht aan de Vrije Universiteit te Amsterdam heeft een doorwrochte analyse gepubliceerd getiteld "International Court of Justice Firmly Walled in the Law of Power in the Israeli - Palestinian Peace Process" (Leiden Journal of International Law, 18 (2005), pp. 467-487). In het laatste hoofdstuk 5, 'Follow up of the Wall case' komt hij tot de volgende conclusie:
A negociated settlement between Israel and Palestine on the basis of international law as ascertained by the Court requires that states - mainly in the west - who have not yet recognised Palestine as a state within the boundaries of the OPT [Occupied Palestinian Territories] are obliged to do so in order to enable Palestine to negociate with Israel on an equal footing and not on the basis of permanent status of the OPT or within the scope and content of a two-state solution but based on a real peace treaty between the two states.
Juist nu, waar Israël zich opmaakt om zich definitief te vergrijpen aan Palestijnse gebieden ten westen van 'de muur', inclusief Oost-Jerusalem, dient Europa - met Nederland in de voorste linies - dit te verhinderen. Nu is weer gebleken dat de Jordaanvallei aan het Palestijnse territorium is ontstolen. Op deze manier is, naast een gevangenis voor 1 miljoen Palestijnen in Gaza, nu een tweede, weer met enige miljoenen gevangenen, gecreëerd op de Westelijke Jordaanoever.
Op grond van het internationaal recht is het eens te meer geboden dat de Staat Palestina nu wordt erkend. In dit tijdsbestek van voortschrijdende Israëlische agressie en bezetting moeten stappen worden ondernomen om contacten tussen de staten Palestina en Israël op voet van gelijkheid tot stand te brengen.
Mocht Europa - dus ook Nederland - wederom nalatig zijn, dan houdt Prof. de Waart ons voor dat onze 'civil society' dient te voorkomen dat de grens tussen het recht en de politiek in de Israëlisch Palestijnse machtsstrijd nog langer wordt overschreden:
When (western) governments continue to fail to take international law seriously in their guidance of the Israeli-Palestinian peace process the hunderds of civil organisations for peace, democracy and community development from Israel, Palestine and Europe should prevent on behalf of the civil society all actors involved from transgressing any longer the borderline between law and politics in the Israeli-Palestinian power game. This would be wholly in line with the shared responsibility of states, international organisations and civil society for a more secure world.
Een dergelijke schande wil de Nederlandse Regering toch niet op zich laden?
Ik maak mij - naar ik hoop terecht - sterk, dat de Regering bij de erkenning van de Staat Palestina de rug recht zal weten te houden tegenover het voorspelbare verbale geweld - compleet met chantage met antisemitisme en de zogenaamde 'dolk in de rug' - van Israël, de VS en Joodse en Christelijke lobbies.
Voor Uw informatie voeg ik een beknopte analyse van Israël bij. De conclusie, samengevat, luidt dat het expansionistische Israël het hoofdprobleem in het Midden-Oosten vormt. In dit verband, het International Forum for Justice and Peace is een internationale groepering rond oud-minister president Van Agt.
Hoogachtend,
J.J. Wijenberg
oud-ambassadeur
ps. Israël heeft destijds, het internationale recht schendend, de infrastructuur vernietigd van de Palestijnse haven en van het vliegveld, aan de opbouw waarvan ook Nederland veel steun heeft gegeven. Zo werd voor tientallen miljoenen euro's aan Nederlands belastinggeld vernietigd.
