Stop de bezetting van palestina

Stop de bezetting
 Vrienden:
  1814 X
 Tegenstanders:
  123 X

Waarom een boycot tegen Israël?

Toespraak van Gretta Duisenberg over vraag waarom de boycot van Israëlische voetballers verantwoord is.
Reageer (0)

Heerenveen, 4 juni 2007

Naarmate deze dag en deze manifestatie dichterbij kwamen, liep ik in gedachten steeds meer tegen een kwellende vraag aan. Waarom staan we hier eigenlijk, waarom roepen we op tot een boycot? En dan nog wel een boycot van voetballers, niet ouder dan 19 jaar. Zijn er belangrijke redenen waarom wij dat doen?Ja, die redenen zijn er. Anders waren we hier vandaag ook niet bij elkaar gekomen. Voor onszelf, en voor anderen, moet kristalhelder zijn wat ons beweegt. Duidelijk moet zijn, dat deze boycot belangrijk is. Het gaat iedereen aan. Het gaat over het streven naar vrede en gerechtigheid. En - het is vreselijk om het te moeten zeggen - we hebben het ook over genocide1).

De beroemde boycot tegen Zuid-Afrika heeft goed gewerkt. Waarom? Omdat deze in brede kring werd gedragen en omdat Westerse regeringen er zich uiteindelijk achter moesten scharen. En heel belangrijk: omdat de pro-Apartheid figuren van de media geen microfoon, geen camera en nauwelijks aandacht in de kranten kregen. Zo moet het nu ook gaan met Israël. Israël doet aan Apartheid, maar erger nog, ook aan genocide. Daar moet een eind aan komen, en wel onmiddellijk!

Wat is - in politieke termen - de kern van het probleem? Daarover bestaan zo veel opvattingen, dat men al gauw door de bomen het bos niet meer ziet. Daarom zal ik - misschien een beetje schematisch - proberen wat orde in dat oerwoud te scheppen. Twee opvattingen, twee denkrichtingen zo men wil, staan lijnrecht tegenover elkaar. Die gaan over de aard van het Israëlische beleid en het regime dat daaraan leiding geeft.
De ene denkrichting meent, dat de Israël omringende Arabische landen en Iran het voortbestaan van Israël fundamenteel en voortdurend bedreigen. De Palestijnen en Hezbollah vormen de vooruitgeschoven posten die het land steeds aanvallen en de meest directe bedreiging vormen voor het voortbestaan van Israël. Israël wordt permanent belegerd. Om te overleven moet de arme Joodse Staat niets tolereren en altijd wraak nemen. Het toevluchtsoord voor alle Joden ter wereld moet niet alleen bereid zijn tot, maar ook daadwerkelijk oorlog voeren. Israël moet steeds weer keihard en bij voorkeur als eerste toeslaan.
De andere denkrichting ziet dit als volstrekt overdreven en in essentie als onwaar. De oorzaak van de conflicten waarmee Israël voortdurend worstelt zijn van eigen makelij. De Joodse staat is bezig met een - misschien honderd jaar durende campagne - om het Zionistische ideaal te bereiken. Binnen die doelstelling past geen vrede die de Palestijnen recht geeft op een eigen staat. De Palestijnen moeten - hoe dan ook en op welke manieren dan ook - verdwijnen uit Oost-Jeruzalem, de Westelijke Jordaanoever en Gaza. En dat schiet al aardig op.
Dit roept vanzelfsprekend verzet op bij de Palestijnen. Je laat je nu eenmaal niet vrijwillig je land, je water, je olijfbomen en je huizen roven. Je stelt ook niet op prijs dat je kinderen nauwelijks meer naar school kunnen, mensen door gebrek aan gezondheidszorg onnodig sterven, er geen bewegingsvrijheid en veiligheid meer bestaan. En je vindt het toch niet zo aangenaam, dat je zo maar kunt worden ontvoerd en zonder enige vorm van proces voor jaren de gevangenis in gaat en routinematig gemarteld, of simpelweg wordt vermoord. En al helemaal merkwaardig is, dat je dit van de Westerse wereld - Nederland incluis - de meest doodnormale zaak van de wereld moet vinden.
Arabische landen en bewegingen en Iran willen hun Palestijnse medemensen te hulp schieten. Maar dat is streng verboden. Israël en zijn Westerse bondgenoten slaan, als het daar maar enigszins op lijkt, keihard toe: al vele malen in de Libanon, Irak, misschien binnenkort ook Syrië en Iran.
Deze denkrichting vindt het eerder paranoïde dan rationeel, dat de vierde militaire, en nucleaire, macht ter wereld - met de tweede luchtmacht ter wereld - zich bedreigd zou moeten voelen.

De eerste denkrichting noem ik gemakshalve maar 'de gelovigen voor Israël' en de tweede 'de realisten'. De laatste denkschool heeft de feiten en het internationale recht aan haar kant. En dat kunnen 'de gelovigen' natuurlijk niet zeggen. Het kenmerk is nu eenmaal vaak, dat zij geloven tegen beter weten in. Dat merken we ook in het openbare debat in Nederland. Dat heeft een niveau bereikt, waarvoor woorden eigenlijk tekort schieten. Het beste is om dit met drie voorbeelden te illustreren.

In het Algemeen Dagblad van 7 mei komt onder de titel "Van Agt opereert buiten het speelveld" het CDA aan het woord. Ik citeer:
Niet iedereen is even gelukkig met de kruistocht van Van Agt voor de rechten van het Palestijnse volk. Het CDA geneert zich een beetje voor de oud-premier. Wat vroeger leuk excentriek was, is het niet meer. Middle of the road was Van Agt nooit, maar met Hamas dwepen, gaat het CDA een brug te ver. […] Het zat er altijd al in, weet het CDA. Zijn weinig alledaagse optreden, zijn kapsel, zijn pukkel en zijn kleurrijk taalgebruik verhulden het zicht op de echte Van Agt.

Tweede voorbeeld. In De Volkskrant van 5 mei deelt Max Pam ons zijn zieleroerselen mee in de rubriek Beweringen & Bewijzen. Als titel werd gekozen: Het meisje was zedig, maar ik dacht: 'Ze blaast ons op'. De heer Pam was op 4 mei rond 8 uur 's-avonds toevallig in de buurt van de Hollandse Schouwburg in Amsterdam en ging daarom maar naar de dodenherdenking. Hij meende de lezers deelgenoot te moeten maken van zijn waarnemingen en opwellende gedachten. Bij een tramhalte zag hij
"[…] tussen de wachtenden ook een moslimmeisje met een hoofddoek, het was meer dan een hoofddoek, het was een heel gewaad, lichtbruin van kleur, dat haar gezicht evenwel grotendeels onbedekt liet. Nieuwsgierig, maar ingetogen volgde ze de ceremonie. Ik bekeek haar nog eens goed en plotseling schoot door me heen: 'Ze gaat zichzelf en ons opblazen.' "
Een paar jaar eerder, zo vervolgt hij, was hij op een dag slachtoffer van antisemitisch geweld. En dan schrijft hij dit:
"Dezelfde dag werden neergelegde kransen gemolesteerd. Niet lang daarna begonnen Gretta Duisenberg en Dries van Agt zich voor de Palestijnse zaak in te zetten. Vroeger hield Gretta Duisenberg zich voornamelijk bezig met de tuinbroek en de suède schoenen van haar echtgenoot, terwijl de zichzelf ariër noemende Van Agt nooit een hand naar de Palestijnen uitstak toen hij aan de macht was. Wil je ergens antipropaganda voor maken, huur dan Gretta Duisenberg en Dries van Agt in."

Het is misschien wel nuttig dat De Volkskrant volop ruimte biedt aan de paranoïde bespiegelingen van een angstig mens over de kleding van een onschuldig en vreedzaam meisje. Het is een goede manier om aan te tonen, dat angst een slechte raadgever is.
In 1971 heeft de heer Van Agt zich 'ariër' genoemd en daar zijn verontschuldiging voor aangeboden. Zullen we de heer Pam in 2043 nadragen wat hij zei over dat onschuldige meisje bij de tramhalte?
De heer Pam brengt de heer Van Agt en mij in één adem in verband met het antisemitisme, en dus met de misdaden van Nazi-Duitsland. Nu zijn dit soort beschuldigingen al twee keer tegen mij bij de Officier van Justitie neergelegd, beide keren tevergeefs overigens. Ondanks dat ik mij voorhoud vooral medelijden met dit soort mensen te hebben, went het nooit. En waarom went het maar niet? Door mij - en nu ook de heer Van Agt - in te delen bij zo ongeveer het grootste tuig dat de twintigste eeuw heeft voortgebracht, probeert de heer Pam de aandacht af te leiden van het grootste kwaad dat een deel van de mensheid kan treffen. En dat is genocide, in dit geval moord door de Israëlische Staat op het Palestijnse volk.

Derde voorbeeld. Naast andere kranten, heeft ook NRC Handelsblad aandacht besteed aan de heer Van Agt ('Een reis naar Bethlehem bekeerde hem', 21 mei 2007). Niet minder dan vier oud-politici - de heren Aantjes, Van den Broek, Van Mierlo, Van der Stoel - spelen in dat artikel het vertrouwde spel van boodschapper-pesten, met mij als de spreekwoordelijke sidekick. Zoals gebruikelijk, nemen de politici in ruste niet de moeite om op de inhoud van Van Agt's boodschap in te gaan.
De heer Van den Broek zegt over mij: "Als je de boodschap onaantrekkelijk opdient, op een manier die extreem lijkt, maak je het je tegenstanders wel makkelijk." En Van Agt doet dat volgens hem ook een beetje. De langdurig en aantrekkelijk opgediende boodschap van de heer Van den Broek heeft nul-komma-nul effect gehad, niet in zijn partij, niet voor het Nederlandse beleid, niet op het Israëlische regime, laat staan voor de Palestijnen die steeds verder worden gewurgd.
De heren Aantjes, Van den Broek, Van Mierlo en Van der Stoel hebben één karakteristiek gemeen: zij hebben allen - als bewindsman of parlementslid - trouw gezworen aan de Grondwet. Dus ook aan artikel 90: De regering bevordert de internationale rechtsorde. Voordat zij de heer Van Agt publiekelijk afvallen, dan wel nalaten hem te steunen, hadden de heren zich wel eens kunnen afvragen of zij - in functie zijnde - dit grondwetsartikel wellicht hebben geschonden.
Wanneer stappen deze oud-politici eindelijk eens van hun hoge preekstoel af en begeven zij zich samen met Dries van Agt de modder in? Dat zou van moed en integriteit getuigen.

De ruimte die het Algemeen Dagblad, De Volkskrant en de NRC bieden, tonen twee dingen aan. Het ontbreekt ten eerste aan inhoudelijke argumenten. En blijft, ten tweede, slechts het blindelings trappen onder de gordel over.

Wij stellen nu en hier in Heerenveen voor om misschien wel onschuldige Israëlische jonge mensen te treffen met een Nederlandse boycot. Dan moet ook precies duidelijk zijn tegen wie in Nederland die boycot in politieke termen gericht is. Anders gezegd, wie zijn in ons land de verantwoordelijke besluitvormers die dit Israëlische bewind eindeloos steunen en gedogen. Wie zijn de politiek verantwoordelijken die de onderdrukking en vernietiging van het Palestijnse volk door dit Israëlische regiem zelfs direct en indirect financieren?

Zijn die vragen eigenlijk wel van belang? Is Nederland niet een veel te onbeduidende speler op het internationale krachtenveld? Het simpele antwoord is: nee. Het is van groot belang. Europa heeft de macht en de middelen om Israël op de kortst mogelijke termijn te dwingen zich te gaan gedragen naar het internationale recht en om zich eindelijk te gaan voegen bij de groep van beschaafde lidstaten van de Verenigde Naties. Wat ontbreekt is unanimiteit en daarmee de politieke wil. Welke zijn de EU-landen die de weg naar een rechtvaardige en duurzame vrede tussen de Palestijnen en Israël blokkeren? Dat zijn vooral het Verenigd Koninkrijk, Duitsland - begrijpelijk - en Nederland. Het is dus van vitaal belang dat Nederland de omslag maakt van pro-Israël en anti-Palestijnen naar pro-internationaal recht en pro-duurzame vrede.

Wie zijn nu die 'gelovigen voor Israël', die de weg naar vrede blokkeren?
Dat is nu niet zo zeer de VVD meer. Doordat de partij in de oppositie is geraakt, is de heer Van Baalen nog wel luidruchtig, maar van minder invloed.
Van doorslaggevende betekenis is het CDA. Zou het CDA de fundamentele omslag in de goede richting maken, dan slaat het hele Nederlandse, en misschien het Europese, beleid de goede richting in. Zoals we al hoorden van wat het Algemeen Dagblad uit de CDA-gelederen vernam, leven daar gedachten die eerder aan fata morgana's dan aan koele politieke analyse doen denken.
Wie zijn, in deze op Christelijke waarden en normen geschoeide partij, eigenlijk de dwarsliggers? Zij zijn bekend.
De Minister van Buitenlandse Zaken, de heer Maxime Verhagen, prijkt bovenaan de lijst van 'gelovigen voor Israël'. Hij lijdt aan een ernstige vorm van tunnelvisie, waarin alleen maar oog is voor 'die verschrikkelijke Palestijnen waarmee niet gepraat mag en kan worden' Als je hem zou moeten geloven zijn het allemaal terroristen. En Israël is de blanke lelie, blakend van onschuld.
We mogen hopen dat ons belastinggeld voor zijn Ministerie goed wordt besteed:
- zijn ambtenaren in Den Haag zullen hem toch wel bijpraten over de werking en toepasbaarheid van het internationale recht in dit conflict?
- zijn vooruitgeschoven post in Ramallah zal hem toch wel informeren over de dagelijkse misdaden begaan door het Israëlische bezettingsleger en de honderdduizenden illegale kolonisten?
- heeft hij misschien een ambtelijke denktank ter beschikking, die hem erop wijst dat de machtsverschuivingen in de wereld hem zullen dwingen de realiteit in het rond het Midden-Oosten onder ogen te zien? Zullen zij hem helpen om als de bliksem uit die doodlopende straat, waarin hij hopeloos is verdwaald, te ontkomen?
- zijn medewerkers in de wereld buiten het zogenaamde Westen zullen hem toch wel bijpraten over de stijgende verontwaardiging, zo niet regelrechte woede, over de misdaden waarmee wij Israël laten weg komen?
- heeft hij misschien adviseurs die hem vertellen, dat zijn steun aan dit Israëlische regime Nederland in de rest van de wereld aanzienlijke morele en regelrechte economische schade berokkent?
- heeft hij wellicht internationaal rechtsgeleerden in zijn staf, die hem kunnen adviseren eens na te gaan of Israël op de EU-lijst van terroristische organisaties moet worden geplaatst?
Op dit moment geeft een jonge Palestijnse journalist uit Gaza - Mohammed Omer - in Nederland een serie lezingen. Minister Verhagen kreeg het aanbod de lezing ook in het Ministerie van Buitenlandse Zaken te houden voor de bewindslieden, hun staf en andere belangstellenden. De Minister had geen belangstelling. De lezing heeft dan ook als titel: "Welcome to hell". Natuurlijk moet voorkomen worden, dat de feiten Verhagen's geloof inhalen.

In de Tweede Kamer is voor de CDA-fractie de heer Henk Jan Ormel de buitenlandwoordvoerder. Op dit moment is hij ook de voorzitter van de Vaste Kamercommissie voor Buitenlandse Zaken. Het Algemeen Dagblad legt hem in de mond: "Wij koesteren de herinnering aan de Van Agt van vroeger, de Van Agt die ferm optrad tegen terroristen". Ormel neemt, aldus het AD, namens zijn partij nadrukkelijk afstand van de zienswijzen van Van Agt.
Niemand - met uitzondering van het CDA misschien - twijfelt aan de kwaliteiten van de heer Van Agt, hoogleraar in het strafrecht en minister van Justitie, als een uitnemend jurist. Zijn betoog voor de verzamelde Palestijnen uit Europa in De Doelen in Rotterdam op 5 mei was één juridisch betoog, gestoeld op het internationale recht en voortreffelijk onderbouwd. Zonder maar met één woord in te gaan op de inhoud, werd de boodschap van de heer Van Agt van tafel geveegd. Erger nog, de heer Van Agt trad ook nu ferm op tegen terroristen, Israëlische staatsterroristen wel te verstaan. Maar dergelijke boodschappen komen niet aan bij 'de gelovigen voor Israël' en zeker niet bij de heer Ormel. De strategie van de heer Ormel tegenover de heer Van Agt is: de boodschap staat mij niet aan, dus 'kill the messenger'. Volgens het AD geneert het CDA zich een beetje voor de oud-premier. Ik kan mij zo voorstellen, dat de heer Van Agt zich doodschaamt voor het CDA.
En het is zó voorspelbaar: de Palestijnse journalist is niet welkom bij Minister Verhagen. Hij krijgt ook niet de gelegenheid om verslag van zijn waarnemingen te doen bij de CDA-jongeren, het CDA-Wetenschappelijk Instituut en al evenmin bij de leiders van die partei zelf. Stel je voor: je zou eens met je neus op de feiten worden gedrukt. Dat kan toch niet politiek correct zijn?

De conclusie moet zijn, dat het CDA één van de grootste obstakels voor een rechtvaardige en duurzame vrede in het Midden-Oosten vormt.

De Partij van de Arbeid doet mee aan de regeringscoalitie met het CDA en de Christen Unie. Daarmee draagt deze partij een grote verantwoordelijkheid voor het regeringsbeleid. Deze concentreert zich, wat het Nederlandse en het EU-beleid voor het Midden-Oosten betreft, op de beide PvdA bewindslieden op Buitenlandse Zaken: Bert Koenders (de minister voor Ontwikkelingssamenwerking) en Frans Timmermans (de staatssecretaris voor Europese Zaken). Er klinkt wat zacht politiek gemurmel naar buiten, bijvoorbeeld wanneer de contacten met Hamas in het geding zijn. Maar dat weerhoudt de eerstverantwoordelijke minister, Verhagen, er niet van om vrijwel onbelemmerd zijn onrechtvaardige, onevenwichtige en slecht doordachte koers te blijven varen. Als Koenders en Timmermans niet oppassen, raken zij even medeplichtig aan de ondergang van het Palestijnse volk als Verhagen. Misschien is het al zo ver.

Over Israël, of liever het Israëlische regime, moeten we ook kristalhelder zijn. Eerder heb ik al een lijst van wandaden tegenover het Palestijnse volk opgesomd. Ook heb ik gewezen op de verbijsterende tolerantie daarvoor van de Westerse wereld, inclusief Nederland. Ik heb al een schets gegeven van de politieke context. Nu vraag ik Uw aandacht voor het kader van het internationale recht. Graag noem ik weer de naam van de heer Van Agt. In 2006 heeft hij een toespraak gehouden in Wenen voor de Commissie voor de Onvervreembare Rechten van de Palestijnen van de Verenigde Naties. De titel was 'Het Internationale Recht of de Jungle'. Israël schendt het internationale recht dagelijks en op grote schaal. Het Israëlische regime creëert in de Palestijnse gebieden en in De Libanon jungles van monumentale proporties. We zien het allemaal gebeuren en we doen er niets aan.

Er bestaat een heel scala aan instrumenten van internationaal recht. Welk internationaal recht wordt eigenlijk geschonden? Experts dragen een hele lijst aan:
- de Preambule van het Handvest van de Verenigde Naties;
- 39 VN-Veiligheidsraad Resoluties over Israël;
- de wetten met betrekking tot oorlogen die voortkwamen uit de Vredesconferenties van Den Haag in 1899 en 1907;
- het humanitaire recht zoals vastgelegd in de Geneefse Conventies, en vooral de IVde;
- de vele Verdragen en Verklaringen over de Universele Rechten van de Mens;
- de Verdragen over de Rechten van het Kind;
- de Verdragen tegen het Martelen;
- de Adviserende Opinie over bestaand internationaal recht van het Internationale Gerechtshof van 9 juli 2004 over 'de Muur' en andere aspecten.

Elk land vliegt wel eens uit de bocht bij het toepassen van het internationale recht. Ook Nederland overkomt dat soms. Israël gaat niet per ongeluk in de fout. Vanwege de reikwijdte en de omvang van deze schendingen wordt de internationale rechtsorde fundamenteel aangevreten. Dit gedrag noemen we dan ook staatsterrorisme.

Niet slechts Aaantjes, Van den Broek, Van Mierlo en Van der Stoel destijds, de Nederlandse Regering van nu steunt en gedoogt de onderdrukking van het Palestijnse volk en financiert het bovendien direct en indirect. Het Kabinet, en meer in het bijzonder de Minister van Buitenlandse Zaken, maakt zich schuldig aan schending van de Nederlandse Grondwet, artikel 90: "De Regering bevordert de internationale rechtsorde".

Waar ligt de sleutel tot een rechtvaardige en duurzame vrede in het Midden-Oosten. Die ligt bij de Europese Unie, en dus ook rechtstreeks bij de Nederlandse regering.

Israël, als het hoofdprobleem in het Midden-Oosten, is schadelijker voor Europa dan voor de Verenigde Staten. Het zal niet gemakkelijk voor de VS zijn om ten aanzien van Israël van koers te veranderen, en zeker niet op korte termijn. Bovendien zijn de ernstig bevooroordeelde Verenigde Staten nutteloos als eerlijke bemiddelaar in dit conflict.
Daarom moet Europa zich ontdoen van deze oneerlijke bemiddelaar. De EU moet - en kan - het voortouw nemen. Het kan het verschil uitmaken tussen chaos en vrede in het Midden-Oosten, onder voorwaarde dat de politieke wil en het uithoudingsvermogen aanwezig zijn. De instrumenten om vrede af te dwingen zijn voor handen.

Wanneer we al de instrumenten van internationaal recht als het leidende principe aanvaarden, dan geldt voor Israël het volgende.
Israël moet onmiddellijk de Haagse regels over oorlogvoering van 1899 en 1907 en de Vierde Geneefse Conventie toepassen. Op die manier komt een einde aan de militaire agressie en ontvangen de Palestijnen de noodzakelijke bescherming tegen militair geweld en de voortdurende mishandelingen door de zwaarbewapende, illegale kolonisten. Israël moet - op basis van Veiligheidsraad Resolutie 242 uit 1967 - onmiddellijk alle Arabische bezette gebieden opgeven en alle bepalingen van de Adviserende Opvatting van het Internatioanle Gerechtshof honoreren.

Daarenboven moet Israël onder het internationale recht:
* haar massavernietigingswapens op een verifiëerbare manier ontmantelen, met internationaal gegarandeerde grenzen daar voor in de plaats;
* de Staat Palestina erkennen binnen alle gebieden van voor 1967;
* het ontruimen van alle nederzettingen;
* alle kolonisten onmiddellijk repatriëren naar Israël;
* het ontmantelen van de illegale muur en het betalen van schadevergoedingen;
* het vrijlaten van alle Palestijnse en Libanese gevangenen;
* het geheel beëindigen van het beleg van Gaza;
* zich onthouden van het aanvallen van Palestijnse doelen;
* het beëindigen van het identificatiesysteem voor Palestijnse burgers;
* het zich onthouden van elke vorm of handeling van agressie en schending van de integriteit van alle buurlanden.

Wanneer Israël in gebreke blijft hieraan onmiddellijk uitvoering te geven, zal het de gevolgen onder ogen moeten zien. De Europese Unie moet dan een massief, maar vreedzaam pakket aan sancties opleggen. Ik noem slechts een selectie van de meest belangrijke maatregelen.

VN - sancties, juridisch
- de opschorting van het Israëlische lidmaatschap van de Verenigde Naties voorstellen2);
- in de VN Veiligheidsraad een Israël Tribunaal voorstellen. Top-politici (de sleutelfiguren in de besluitvormingsprocessen van dit misdadige regiem), de hoogste militairen (die soldaten opdracht geven om Palestijnse en Libanese burgers te doden) en rechters (die bepalen dat martelen binnen het recht valt), dienen verantwoording af te leggen over hun oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid vanuit een cel in de gevangenis van Scheveningen. (De VS zullen dit treffen met een veto. Het is niettemin van het grootste belang dit punt te maken.);
- in gevallen van twee nationaliteiten met Europese landen zullen Israëlische burgers vervolgd worden in het Internationale Strafhof (ISH) in Den Haag voor misdaden tegen de universele rechten van de mens en het humanitaire recht, begaan na 1 juli 2002 (de datum waarop het ISH in werking trad).

EU-sancties, juridisch en consulair
- verdachte politici, hoge militairen en rechters dienen vervolgd te worden in de gerechtshoven van die Europese lidstaten die daarvoor over de wettelijke basis beschikken, zoals Frankrijk, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Nederland, Spanje en Zweden;
- visa voor Europa worden aan alle Israëlische burgers opgelegd. Deze worden zorgvuldig en selectief toegekend. Op deze manier wordt geselecteerde Israëlische politici, hoge militairen en rechters de toegang tot de EU ontzegd. Het wonen in de bezette gebieden in combinatie met het zich toe eigenen van Palestijnse eigendommen vormen een oorlogsmisdaad onder de Vierde Geneefse Conventie. Alle Israëlische burgers die in de bezette gebieden wonen wordt de toegang tot Europa ontzegd, ook wanneer zij op doorreis zijn.

EU-sancties, militair
- Israël zal worden uitgesloten van samenwerking met de NAVO en andere vormen van militaire samenwerking. Een alomvattend wapenembargo wordt opgelegd;
- Israël wordt de toegang tot het Galileo project, het Europese GPS-systeem, ontzegd. Op die manier wordt voorkomen dat Israël toegang krijgt tot zeer hoog ontwikkelde technologie die de Israel Defence Forces in staat zou stellen om met nog meer precisie moorden buiten de eigen grenzen te begaan.

EU-sancties, financieel en economisch
- het Associatieverdrag met de Europese Unie wordt opgeschort;
- goederen, diensten (waaronder culturele en sportevenementen) en kapitaal worden uitgesloten van in- en uitvoer in de EU;
- een handels- en investeringsembargo voor Israël wordt van kracht;
- alle Israëlische deposito's in de Europese Unie worden bevroren.
- omdat dit de verplichting van Israël is, stopt de EU de financiering van Palestina om op die manier de subsidiëring van het Israëlische onderdrukkingsapparaat te beëindigen;

schadevergoedingen voor Palestina en de Palestijnen
- alle infrastructuur en gebouwen in de Israëlische nederzettingen dienen in uitstekende staat te worden overgedragen. Deze bezittingen zijn bij lange na niet voldoende als volledige compensatie aan het Palestijnse volk. Deze worden beschouwd als een eerste aanbetaling voor de schadevergoeding;
- schadevergoedingen in de miljarden euro's dienen als compensatie voor de geleden materiële en immateriële schade aan de Palestijnse bevolking toegebracht sinds 1 januari 1968, de datum waarop Israël zich in redelijkheid had kunnen terugtrekken uit de bezette gebieden op basis van Veiligheidsraad Resolutie 242 van 1967. Schadevergoedingen in de miljarden euro's zijn eveneens vereist in het geval van de Libanon.

Mijn voorspelling is:

Israël zal binnen twee jaar luisteren en inbinden, zodat een rechtvaardige en duurzame vrede in zicht komt.

Nu zijn we, denk ik, toe aan de vraag die ik aan het begin van mijn betoog opwierp: waarom een boycot tegen jonge voetballers uit Israël? Wij hoeven ons geen illusies te maken, dat een dergelijke boycot meer zou zijn dan een speldenprik. En als we eerlijk zijn, dan weten we dat die boycot er niet eens zal komen. Maar waarom roepen we dan op tot die boycot? Waarom zijn we dan hier en nu bij elkaar gekomen? Zijn wij misschien symboolfetisjisten en genieten wij van het rituele demonstreren?

Laat ik eerst voor mijzelf spreken. Ik sta hier om het Israëlische regime aan te klagen. Ik sta hier ook om de Nederlandse regering in de beklaagdenbank te zetten.
En wij staan hier omdat wij willen bijdragen aan een rechtvaardiger wereld en respect voor het internationale recht. Het zal ons niet gebeuren, dat wij zwijgen waar - recht onder onze ogen - het Palestijnse volk wordt gewurgd en vermorzeld.

Israël zal echt niet onder de indruk zijn van onze boosheid, verontwaardiging en die boycot. Met onze oproep om de Israëlische voetballers de deur te wijzen, geven wij toch een boodschap af. Wij wijzen de Nederlandse regering op haar grondwettelijke plichten en haar internationale verplichtingen. Wij willen dat Minister Verhagen begrijpt, dat hij een cruciale positie heeft te spelen in de Europese Unie. Wij willen dat het CDA en de PvdA hun verantwoordelijkheid nemen en geschiedenis gaan schrijven.

De boycot door de burgers van Nederland van Israëlische voetballers moet gevolgd worden door grootschalige Europese sancties tegen Israël. Pas dan komt een rechtvaardige en duurzame vrede tussen de Palestijnen en Israël tot stand.

Het laatste woord geef ik aan de 84-jarige Hajo Meijer3), een Auschwitz-overlevende:

“Het Palestijnse volk bewust uitmoorden is genocide van de ergste soort, maar het volk door belegering, uithongering en onderdrukking ertoe te brengen zichzelf te vernietigen doet de verantwoordelijkheid op het laagst denkbare morele niveau belanden. De Palestijnen zitten immers als ratten in te grote dichtheid met beperkt voedsel in kooien gepropt. Het is aangetoond dat deze elkaar wederzijds gaan vermoorden. Dat is ook de opzet, zodat de Israëliërs dit vuile werk niet zelf hoeven te doen”.

noten

1) Francis A. Boyle, "Palestine, Palestinians and international law", Clarity Press, Inc., 2003, pp. 159, 160
2) ibid, p. 153
3. Hajo Meyer, Vredesspiraal, maart 2007

« Terug naar Acties Toespraken

Overzicht Reacties over dit Artikel

gebruikersnaam:
wachtwoord:
wachtwoord vergeten?
Sloop de muur help mee
Laaste reacties
datum: 08-02-2012 14:43
http://www.middleeastmonitor.org.uk/articles/guest-writers/3012-testimony-to-the-russell-tribunal-on...
by Jessy
datum: 08-02-2012 13:39
http://www.elsevier.nl/web/Opinie/Afshin-Ellian/330030/Syrie-waarom-hoor-ik-Harry-van-Bommel-niet.ht...
by valasco
datum: 07-02-2012 21:42
Het is opmerkelijk dat ik dit nieuws gisteren voor het eerst, en op een later tijdstip herhaald, zag...
by plamp
datum: 07-02-2012 13:59
Hallo mevr. Gretta.
ik heb een tijd geleden een reactie gevraagd aan stop de bezetting, maar ...

by Syts64
Hosted by Webspacedesign