De Onverschilligheid jegens Palestina
Reageer (0)
Hij verhaalt in zijn lezing hoe bij hem persoonlijk dat mede menszijn gevoel ontstaan is. Bezettingservaringen en een bijzondere interesse in land- en volkenkunde vormden daarbij de basis. Het volkomen negeren van de rechten van de autochtone Palestijnse bevolking loopt als een rode draad door het hele verhaal. Maar ook wordt er nadruk gelegd op de misdadigheid van de ijveraars voor de zionistische droom. Met bestaande mythen wordt keihard afgerekend. Aangetoond wordt hoe de zionisten moedwillig bijdroegen aan het opofferen van hun joodse medemensen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Er wordt met feiten aangegeven hoe de zionisten al ruim 80 jaar, rovend, moordend en brandschattend onder de Palestijnen huishouden. Hoe tegen alle logica in deze vreemdelingen van elders zoveel machtige steun kregen dat er tot dusver, sinds 14 mei 1948, geen verandering in die situatie kwam. Aangemoedigd door westerse bewonderaars en zelfs applaus voor wat deze misdadigers aanrichten, durft een Israëlische onder-minister te dreigen dat Israël zijn huidige shoa (holocaust) op de Palestijnen nog wel gaat opvoeren.
Na een intermezzo voor de presentatie van enig beeldmateriaal wordt aangegeven hoezeer Israël lak heeft aan de Rechten van de Mens en tevens het Internationaal Recht aan zijn laars lapt. Het regiem voelt zich steeds sterker nu misdaad blijkt te lonen. Het vormt bovendien zelfs een reële – nucleaire – bedreiging voor de Europese landen en chanteert ons daarmee.
Nu onze belangrijkste politieke leiders volharden in hun steunverlening en daardoor ook in hun medeplichtigheid aan de wandaden van deze notoire schurkenstaat die zichzelf buiten de wetten geplaatst heeft, roept de lezinggever op om moreel stelling te nemen en daden te stellen om Israël krachtig aan te pakken. Dat kan onder andere door álle vormen van sancties en het doen instellen van een Israël Tribunaal in Den Haag. Regering en bedrijfsleven kunnen en moeten hiertoe gedwongen worden. Onverschilligheid jegens onze medeschepselen is namelijk de essentie van onmenselijkheid.
De lezing besluit met de woorden van Einstein: “de wereld is een gevaarlijke plaats om te leven: niet wegens de mensen die slecht zijn, maar wegens de mensen die daar niets aan doen’.
